Punchaankomsten zijn in deze Giro talrijker dan het op het eerste gezicht lijkt. Bovendien zien we steeds vaker dat ook klassementsrenners zich mengen voor bonificatieseconden of om geen tijd te verliezen. Het loont dus om niet alleen naar “pure punchers” te kijken, maar ook naar sprinters met inhoud en klimmers met explosiviteit. Al lijkt er minder dan vorig jaar met Mads Pedersen een uitgesproken puncher. Het is dus afwachten of er ploegen zijn met de ambitie de boel bij elkaar te houden.

Bij sprinters met inhoud denken we aan Kaden Groves en Tobias Lund Andresen (beide 7M). Al moeten we hier Arnaud De Lie, Ethan Vernon en mogelijks ook Paul Magnier wel vermelden. Allemaal zijn dit in eerste instantie sprinters, maar ze onderscheiden zich doordat ze ook een lastige finale kunnen overleven. Dat maakt hen bijzonder waardevol in een parcours met veel overgangsritten of hellingen in de finale. Waar pure sprinters afhaken, haken ze aan en kunnen zo meedoen voor de prijzen.

Voor 6M heb je met Giulio Ciccone en Lennert Van Eetvelt twee renners die aangeven geen klassement te ambiëren, maar wel over de explosiviteit beschikken om in punchy finales uit te pakken. Santiago Buitrago blijft een moeilijkere inschatting: zijn profiel laat veel toe, maar zijn rol binnen de ploeg en zijn klassementsambities zal bepalend zijn. Mengt hij zich in de punch, dan kan hij meedoen, maar dit lijkt minder voorspelbaar.

Voor 5M koop je enkele echte sleutelpionnen.

Corbin Strong en Jhonatan Narváez zijn misschien wel de meest complete punchers in deze prijsklasse: explosief, snel aan de meet en bestand tegen een lastige finale. Maar is Narváez voldoende hersteld? Orluis Aular en Luca Mozzato bieden een gelijkaardig profiel, met net iets minder piek maar wel veel regelmaat.

Ben Turner is een iets ander type: minder snel, maar sterk in zware overgangsritten. Ideaal voor selectieve finales.

In de categorie van de 4M kan je als wielermanager het verschil maken. Andrea Vendrame, Diego Ulissi en Filippo Zana zijn typische Giro-rittenjagers: ervaren, koersslim en gevaarlijk in een punchy aankomst met een uitgedunde groep.

Iván García Cortina en Jasper Stuyven brengen een klassiek profiel: sterk, snel en bestand tegen een helling. Jan Christen is dan weer een van de interessantste jonge namen: explosief, aanvallend en met een veel potentieel. Daarnaast zijn er nog types zoals Jake Stewart en Lukáš Kubiš, die kunnen profiteren van het koersverloop.

Voor 3M schuiven we enkele UAE-pionnen naar voor. Mogelijk krijgen ze de nodige kansen, door de afwezigheid van een uitgesproken kopman, na het uitvallen van Almeida en de afwezigheid van Pogacar en Del Toro. António Morgado en Igor Arrieta zijn jonge, offensieve renners met potentieel. Morgado lijkt daarbij het meest interessant voor punchy aankomsten, terwijl Arrieta eerder een allround profiel heeft en moeilijker in te schatten is.

Conclusie: punchaankomsten zijn vaak onvoorspelbaar. Niet alleen pure punchers spelen een rol, maar ook sprinters die een helling overleven en klimmers met een explosieve versnelling.

Wie die balans goed legt, kan in deze Giro het verschil maken in de overgangsritten, vaak de meest onderschatte bron van punten.