Controleer vlak voor de start zeker nog even:

  • doet iedereen in je ploeg effectief mee?
  • staat je sterkste twaalf opgesteld?
  • is je kopman geselecteerd?
  • heb je je wijzigingen ook bevestigd?

Daarna begint het echte spel pas.

De meest logische tactiek lijkt dit jaar vrij duidelijk:

  • starten met een beperkte maar sterke GC-kern
  • maximaal profiteren van sprint- en punchpunten in de eerste twee weken
  • en daarna via transfers doorschuiven richting klimmers en klassementsmannen voor de zware slotweek

Maar het koersverloop zal uiteindelijk bepalen welke profielen écht renderen. Daarbij lijken me vooral twee vragen cruciaal.

Wie controleert de overgangsritten?

Vorig jaar zagen we hoe Lidl-Trek in dienst van Pedersen de lastigere ritten volledig controleerde. Ze maakten de koers zwaar genoeg zodat pure sprinters overboord gingen, maar niet zwaar genoeg voor de echte klimmers. Pedersen kon zo sprinten in een uitgedund peloton en stapelde de punten op.

Bestaat dat scenario dit jaar opnieuw?

Op papier lijken enkele ploegen daarvoor in aanmerking te komen:

  • Decathlon voor Tobias Lund Andresen
  • Alpecin voor Groves
  • Soudal voor Magnier

Maar willen die ploegen ook echt investeren in koerscontrole?

Dat is een belangrijke vraag. Want als niemand de koers hard maakt, stijgt automatisch de kans dat:

  • vluchters het halen (en die zijn moeilijk te voorspellen)
  • punchers meer ruimte krijgen
  • en opportunisten veel punten sprokkelen

Hoe dominant koerst Vingegaard?

Net als twee jaar geleden lijkt er opnieuw één uitgesproken topfavoriet aan de start te staan.

Alleen lijkt Jonas Vingegaard een heel ander type leider dan Pogacar.

Waar Pogacar vaak alles wil winnen, rijdt Vingegaard doorgaans veel economischer:

  • controleren
  • volgen
  • toeslaan wanneer nodig
  • en vooral energie sparen, zeker met het oog op de Tour de France

Dat kan een enorme impact hebben op het koersverloop.

Want als Visma niet elke bergrit volledig dichtschroeft:

  • krijgen vluchters meer kansen
  • kunnen klimmers zonder klassementsambitie ritten najagen
  • en worden rittenkapers plots veel waardevoller

Dat maakt renners als Ciccone, Scaroni, Bouwman, Poels, Soler of Buitrago misschien interessanter dan op het eerste gezicht lijkt.

Welke vragen moeten we ons nog stellen?

  • Welke sprinter overleeft het best een zware finale?
  • Welke ploeg durft offensief koersen zonder klassementskopman?
  • Welke jonge renner zet plots een stap vooruit?
  • Wie mag vrij koersen ondanks een sterke kopman?
  • Welke goedkope renner geraakt vaak mee in de vlucht?
  • Welke ploegen zullen ritten opofferen om hun klassementsman te beschermen?
  • Waar liggen de ritten die “iedereen” fout inschat?

Twijfel jij ook tot het laatste moment?